Gaza dodelijkste oorlog ooit voor pers
Het Committee to Protect Journalists telt 209 gedode Palestijnse journalisten in Gaza, tegenover twee Israëlische. Geen oorlog was dodelijker voor de pers.

Geen oorlog kostte zo veel journalisten het leven als de oorlog in Gaza. Het Amerikaanse Committee to Protect Journalists, dat deze cijfers sinds 1992 bijhoudt, telde tot 25 juni van dit jaar 263 gedode journalisten en mediawerkers in Israël, Gaza, Libanon, Jemen en Iran sinds de aanval van Hamas op 7 oktober 2023. Daarvan waren 209 Palestijnse journalisten in Gaza of in Israëlische detentie.
Tegenover die 209 staan twee Israëlische journalisten, gedood in Israël tijdens de aanval van Hamas op 7 oktober 2023. Dat verschil is de kern van het verhaal: dit is geen oorlog waarin de pers aan beide kanten sneuvelt, maar een oorlog waarin vrijwel alle doden onder journalisten aan één kant vallen, in een gebied waar alleen lokale verslaggevers nog binnen zijn.
De cijfers komen van het Committee to Protect Journalists, dat elke naam pas opneemt als twee onafhankelijke bronnen die bevestigen. Het gemiddelde van dertien per maand komt uit het rapport dat het Costs of War-project van Brown University in april 2025 publiceerde.
Waarom de tellingen zo uiteenlopen
Wie de cijfers naast elkaar legt, ziet verschillen van tientallen doden. Dat komt niet doordat een van de organisaties er een slag naar slaat, maar doordat ze verschillende dingen tellen en op verschillende momenten de balans opmaken.
Het grootste verschil zit in de vraag wie een journalist is. Sommige tellingen nemen alleen verslaggevers, fotografen en cameramensen mee. Andere rekenen ook mediawerkers mee: tolken, fixers, chauffeurs en technici, die in Gaza vaak in dezelfde auto en dezelfde tent zaten. Daarnaast telt de een alleen Gaza, terwijl de ander ook Libanon, Jemen en Iran meeneemt.
Wie telt wat
| Bron | Aantal | Peildatum |
|---|---|---|
| CPJ, hele regio | 263 | 25 jun 2026 |
| CPJ, alleen Gaza | 209 | 25 jun 2026 |
| Verenigde Naties | 242 | 11 aug 2025 |
| Costs of War | 232 | 1 apr 2025 |
| RSF | ongeveer 220 | 9 dec 2025 |
| Palestijnse vakbond | meer dan 260 | 2026 |
Dat de cijfers uiteenlopen, maakt ze niet onbruikbaar. Alle zes tellingen komen op een aantal dat hoger is dan bij welke oorlog ook waarvan de pers de slachtoffers bijhoudt. In Oekraïne kwamen sinds februari 2022 negentien journalisten om.
Waar de doden vielen
De telling van 263 gaat over vijf landen. Splits je die uit, dan valt op hoe eenzijdig de verdeling is: 207 doden in Gaza, 31 in Jemen, 16 in Libanon, 4 in Iran en 2 in Israël. Die laatste twee kwamen om op de eerste dag van de oorlog. Daarbij komen nog twee Palestijnse journalisten die in Israëlische detentie stierven, samen de 209 uit de tabel hierboven.
- Elke bel is een land, het oppervlak volgt het aantal doden
- De twee doden in Israëlische detentie staan niet op de kaart
CPJ haalde twintig namen van de lijst
In juni ging de bekendste telling zelf onder de loep. Het CPJ begon op 25 juni een controle van het eigen bestand nadat Hamas en de Palestijnse Islamitische Jihad overlijdensberichten hadden gepubliceerd waarin mensen die op de lijst stonden werden geëerd als strijder. De organisatie haalde twintig namen weg: acht omdat vaststond dat zij aan de strijd deelnamen, twaalf om andere redenen.
Directeur Jodie Ginsberg zei dat het CPJ het voorstellen van strijders als journalist in de scherpste bewoordingen afkeurt. In dezelfde verklaring stond de reden waarom zoiets kan gebeuren: verifiëren op locatie is onmogelijk, omdat Israël de internationale pers de hele oorlog uit Gaza heeft gehouden.
De controle werd meteen aan twee kanten gebruikt. Israëlische media lazen er het bewijs in dat de lijsten waren opgeblazen. Organisaties in de Arabische wereld lazen er een tegemoetkoming in aan de partij die de journalisten doodde. Wat er feitelijk gebeurde, is dat de teller met twintig namen omlaag ging en op 209 bleef staan, ruim honderd keer het aantal gedode Israëlische journalisten.

Anas al-Sharif en de perstent bij al-Shifa
Op 10 augustus 2025 raakte een Israëlische aanval een tent voor journalisten bij de hoofdingang van het al-Shifa-ziekenhuis in Gaza-Stad. Correspondent Anas al-Sharif van Al Jazeera kwam om, samen met zijn collega Mohammed Qreiqeh en de cameramensen Ibrahim Zaher, Mohammed Noufal en Moamen Aliwa. In totaal vielen er zeven doden, onder wie een neef van Al-Sharif.
Het Israëlische leger zei daarna op X dat Al-Sharif leiding gaf aan een cel van Hamas die raketaanvallen voorbereidde. Over de vier andere gedode journalisten in dezelfde tent zei het bericht niets. Voor het CPJ staat de aanval in de categorie gericht gedood, de groep van 75 gevallen waarin de organisatie vergelding voor journalistiek werk aanneemt.
Twee weken later, op 25 augustus 2025, raakte het Nasser-ziekenhuis in Khan Younis twee keer kort na elkaar. Bij die aanval kwamen twintig mensen om, onder wie vijf journalisten: Reuters-fotograaf Hossam al-Masri, verslaggever Mariam Abu Dagga, Mohammed Salama van Al Jazeera, Moaz Abu Taha en Ahmed Abu Aziz. De tweede raket kwam acht minuten na de eerste, op het moment dat hulpverleners en journalisten toeliepen.
Fatma Hassona, een dag na Cannes
Het tweede voorbeeld is Fatma Hassona, fotojournalist in Gaza-Stad, 25 jaar. Zij fotografeerde ruim anderhalf jaar het leven in de stad en de verwoesting eromheen, en zij was de hoofdpersoon van de documentaire Put Your Soul on Your Hand and Walk van de Frans-Iraanse regisseur Sepideh Farsi, opgebouwd uit hun gesprekken op afstand.
Op 15 april 2025 werd bekend dat die film naar Cannes ging, naar het nevenprogramma ACID. Een dag later raakte een Israëlische raket het huis van haar familie. Hassona kwam om met tien familieleden, onder wie haar zwangere zus. Zij zou binnen enkele dagen trouwen.

Het Israëlische leger zei dat het doelwit een strijder van de Gaza-brigade van Hamas was en dat maatregelen waren genomen om burgers te sparen. Wie dat doelwit was, en waarom een woning met een journalist en tien familieleden erin werd geraakt, maakte het leger niet duidelijk.
Regisseur Farsi noemde de aanval in Cannes een gerichte moord. Dat is haar oordeel, geen vaststelling van een rechter. Wat vaststaat is de opeenvolging: de selectie werd bekend, en binnen 24 uur lag het huis eruit.
Ahmed Shehab, vijf dagen na het begin
Het derde voorbeeld staat aan het begin van de reeks. Ahmed Shehab was producer bij het radiostation Sowt al-Asra, de Stem van de Gevangenen. Op 12 oktober 2023, vijf dagen na de aanval van Hamas, raakte een Israëlische aanval zijn huis in Jabalia, in het noorden van de Gazastrook. Hij kwam om met zijn vrouw en hun drie kinderen. Een verklaring van het leger over dit doelwit is er niet.
Zijn naam staat in de periode die het zwaarst weegt in alle tellingen. In de eerste maand van de oorlog registreerde het CPJ 37 gedode journalisten, de dodelijkste maand voor de pers die de organisatie sinds 1992 heeft vastgelegd. Wie toen omkwam, werkte zonder helm, zonder persvest en zonder enige zekerheid dat het beroep bescherming bood.
Drie namen zeggen niets over 209. Wat zij wel laten zien, is dat de plek niets uitmaakte: een radiostudio-medewerker in zijn eigen huis, een fotograaf in het huis van haar familie, een correspondent in een tent die als perslocatie bekendstond. De volledige lijst met namen en data houdt Wikipedia bij, en die lijst groeit nog.
Israël voert de dodelijkste en meest doelbewuste poging om journalisten te doden en het zwijgen op te leggen die wij ooit hebben gedocumenteerd.
Die zin komt van het CPJ zelf. De organisatie noemt daarnaast 114 journalisten die in de regio gevangenzitten, en publiceerde de verhalen van 58 Palestijnse journalisten die zeggen dat zij in Israëlische detentie zijn mishandeld.
De vergelijking met de wereldoorlogen wankelt
Het cijfer dat het meest rondging op sociale media komt uit het rapport van het Costs of War-project van het Watson Institute, onderdeel van Brown University. Volgens dat rapport uit april 2025 zijn er in Gaza meer journalisten gedood dan in de Amerikaanse Burgeroorlog, de Eerste en Tweede Wereldoorlog, de Korea-oorlog, de oorlog in Vietnam met Cambodja en Laos erbij, de Joegoslavische oorlogen en de Amerikaanse oorlog in Afghanistan samen.
Die som rust op één getal: 69 gedode journalisten in beide wereldoorlogen, uit de database van het Amerikaanse Freedom Forum. En daar zit het probleem.
Het Europese factcheckplatform EUfactcheck beoordeelde de claim als grotendeels onwaar. Drie bezwaren. De definitie is niet gelijk: het Gaza-cijfer bevat mediawerkers als tolken en chauffeurs, het cijfer voor de wereldoorlogen niet. De bron is geen historisch register: de database van het Freedom Forum was daar niet voor bedoeld en wordt sinds 2019 niet meer bijgehouden, en het werkelijke aantal was vrijwel zeker hoger. En de context verschilt: in de wereldoorlogen zaten verslaggevers in perskampen achter het front, terwijl de journalisten in Gaza zelf wonen in het gebied van 365 vierkante kilometer dat werd gebombardeerd.
Wat overblijft is nog steeds fors. Van de oorlogen waarvan de cijfers wel op dezelfde manier zijn geteld, komt er geen enkele in de buurt. Sinds het CPJ in 1992 begon te tellen, is dit met afstand de dodelijkste oorlog voor de pers. Ook zonder de wereldoorlogen erbij te halen.
Israël houdt de buitenlandse pers buiten
Sinds oktober vorig jaar geldt een staakt-het-vuren, maar het verbod voor onafhankelijke journalisten om Gaza in te gaan bleef. Buitenlandse verslaggevers komen er alleen mee met een militair konvooi, voor een paar uur, langs een route die het leger bepaalt en zonder vrij met Palestijnen te kunnen praten.
De Foreign Press Association, die ruim 350 correspondenten vertegenwoordigt, stapte in september 2024 naar het Israëlische Hooggerechtshof. Bij de zitting van 26 januari dit jaar kreeg de staat opnieuw uitstel, tot 31 maart, om zijn standpunt op papier te zetten. Een eindoordeel is er nog niet. De vereniging houdt bij hoeveel keer om uitstel is gevraagd, en zegt dat het inmiddels om zeven keer gaat.
Volgens de petitie willen ongeveer vierhonderd journalisten uit tientallen landen naar binnen. In de huidige praktijk mag de vereniging er twee per konvooi meesturen. In augustus vorig jaar riepen 27 landen van de Media Freedom Coalition Israël op de grens voor de pers te openen. Die oproep veranderde niets.
Wat dit betekent voor wat je leest
Zolang de grens dicht is, rust het nieuws uit Gaza op de mensen die er wonen. Dat is precies de groep die wordt gedood. In het jaaroverzicht van Reporters Without Borders over 2025 kwam 43 procent van alle 67 wereldwijd gedode journalisten om in Gaza, door het Israëlische leger, voor het derde jaar op rij het hoogste aantal van welk land ook. RSF hield op 1 december 2025 daarnaast twintig Palestijnse journalisten in Israëlische cellen bij.
In Nederland leidde dat op 1 september vorig jaar tot een ongebruikelijke actie. NRC zette de voorpagina zwart, Trouw kwam met een eigen actie, en andere titels besteedden die dag ruimte aan de gedode collega’s. De organisatoren noemden toen 210 doden en vroegen om twee dingen: veiligheid voor journalisten in Gaza en vrije toegang voor de internationale pers.
Van dat tweede is nog niets gekomen. En dat werkt door in alles wat er over deze oorlog te weten valt, van de cijfers over de journalisten zelf tot de uitspraken van ministers over wat er in Gaza moet gebeuren. Wie niet binnen mag, kan niet controleren. Dat is geen bijkomstigheid van de oorlog, het is er een uitkomst van.
De juridische afrekening loopt ondertussen langs een andere weg. Bij het Internationaal Strafhof liggen aanhoudingsbevelen tegen premier Netanyahu en oud-minister Gallant, en de Verenigde Staten zetten deze week de voorzitter van dat hof op de sanctielijst. Aanvallen op journalisten zijn in die dossiers geen bijzaak: ze horen tot de feiten waarmee aanklagers willen aantonen dat het geweld tegen burgers een patroon volgde.
Maartje Vos
Maartje is hoofdredacteur van Nieuws.co en schrijft over politiek, klimaat en openbaar bestuur.


